Maxhafen – aan het einde van het kanaal
Voor de nodige Wettringer boeren was het vrachtverkeer over land aan het Max Clemens kanaal een leuke bijverdienst. Boer Romberg-Dunker uit Haddorf exploiteerde zelfs een klein transportbedrijf. De paardenwagens transporteerden steenkool uit Ibbenbüren en ruw Zweeds ijzer, dat over de Ems kwam, naar het kanaal in Max hafen. Er werden grote hoeveelheden graan vervoerd van Maxhafen naar Münster, maar ook katoen en linnengoed voor het opkomende Ruhrgebied. Als het Pruisisch grensbelastingkantoor in het jaar 1818, voor de controle van alle goederentransporten naar Nederland en Hannover, naar Maxhafen verlegd wordt, werd er een twee verdiepingen tellend douanekantoor gebouwd en ontwikkelde Maxhafen zich voor korte tijd tot een verkeersknooppunt.
Nadat beeindiging van het kanaal in 1840, werd het voormalige pakhuis tot een woonhuis met restaurant verbouwd. Sinds 1869 bevindt het zich in het eigendom van de familie Fabry. In het voormalige douanekantoor was lange tijd een looierij gevestigd. Later ging een deel van het gebouwencomplex over in het bezit van de Niehues, die er een korndisteleerderij ondergebrachten. Aan het einde van het kanaal viert de Schützenverein Maxhafen “in het voormalige kanaalbed” jaarlijks zijn schuttersfeest.
Overigens-het plan het kanaal tot de monding van de Düsterbach in de Aa door te bouwen is na 1800 tijdwijze nog vervolgd. Vandaag de dag zijn de toenmalige ontzandingen tot kort voor de Aa nog herkenbaar.
Clemens August von Bayern
Hij was geestelijke vader van het plan en de eerste bouwheer van het Max.Clemens-kanaal.
Geboren: 16 Aug. 1700 te Brussel
Overleden: 6 Feb. 1761 te Koblenz
Maximilian Friedrich von Königsegg-Rothenfels
Als opvolger van Clemens August van Bayern zette hij de bouw van het kanaal om verdere 6 km voort.
Geboren: 13 mei 1708 te Keulen
Overleden: 15 april 1784 te Bonn